Wat leuk vind ik het om de verhalen van iedereen te lezen over hoe ze de Vrijeschool-tijd hebben ervaren en hoe het nu met iedereen gaat. Daardoor raakte ik extra gemotiveerd om dit zelf ook op papier te zetten.
Mijn Vrijeschool-carrière begint in Emmen al vanaf de peuterklas toen er nog niet eens een VS bestond daar. Mijn moeder heeft samen met andere ouders en leerkrachten de VS in Emmen opgezet. We begonnen in een huiskamer bij de peuterjuf thuis. Ik was samen met nog een aantal peuters de eerste leerling van de VS in Emmen, later volgden ook Nelleke (haar moeder was de kleuterjuf), Frederiek en Trudie met Frans Klapper als meester van klas één tot met klas zeven. We eindigden in een aangebouwd klaslokaal met een houtkachel. Aan die tijd heb ik hele goede herinneringen, alle jaarfeesten, speelafspraken en logeerpartijtjes, de mooie bordtekeningen, seizoenentafel, houten planken met schilderingen in kasten, poppenhoeken en schoolplein met onze eigen moestuin. Naast school deed ik fanatiek aan atletiek.

Lagere school met Frederiek, Trudie en Nelleke
Uit de 7e, met hand geschreven voorzien van gepersonaliseerde gedichten en tekeningen, getuigschriften lees ik later terug dat ik echt een dromer was en me moeilijk kon concentreren op de stof die aangeboden werd. Dat geloof ik graag, want ik kan me niet veel meer herinneren van wat ik in die tijd hebt geleerd. Het was voor mijn ouders de beste keus om me op de VS te houden en naar de bovenbouw in Groningen te laten gaan. We woonden in Valthe (een dorp 6 km van Emmen) en ik ging elke dag een uur met de bus naar Groningen, waar Trudie, Frederiek en Nelleke in Borger instapten.
De 8ste begonnen we in de Wassenberghstraat en kwamen we met kinderen uit Meppel en Groningen in de klas. Het enige wat ik me daarvan kan herinneren waren de tekeningen op de muren langs het schoolplein en de sportdag waar ik tijdens het hardlopen zelfs sneller was dan de 12de klassers. Vanaf het station was het gebouw aan de Wassenberghstraat een eindje fietsen en ik weet nog dat Yves en Sanne dit deden op gestolen met verf bespoten fietsen.

Sanne en Yves
Van de tijd aan de Merwedestraat herinner ik mij vooral de toneelstukken, de gymlessen en tijdens de kunstvakken het koperslaan, het maken van een houten doosje en stoel, het mandenvlechten, het portret van Jose boetseren van klei en het weven van een eigen ontworpen stuk (in mijn geval was dat een pianolegger met het patroon van de toetsen). Van onze landmeet-week op Schier en onze eindpresentaties en eindreis herinner ik me nog een aantal details, maar is me met met name door de foto’s nog bij gebleven. De Ardennenreis heeft blijkbaar wel veel indruk gemaakt want daarvan weet ik nog goed dat Hedi en ik samen een groepje vormden. We hadden een veel te grote en zware tent mee. Waar de rest van de leerlingen hun kookspullen over een groep van meerdere personen kon verdelen, sjouwden wij alles met z’n tweeën mee. We waren te lui om direct onze tent op te zetten en vervolgens zelf te koken, dus aten we de restjes van de andere groepen. Het lopen vonden we zwaar, weet ik nog wel. We zijn toen gaan liften zodat we het hele eind niet hoefden te wandelen. ‘s Avonds in de tent hadden we erge lol en bleven lachen en kletsen totdat Ignace naast onze tent boos schreeuwde dat wij het ‘bloed onder zijn nagels vandaan haalden’, waarna wij natuurlijk helemaal de slappe lach kregen.

Ik tijdens tent opzetten in de Ardennen
De tijd op de bovenbouw heb ik als een erg leuke tijd ervaren, waarin we van alles mee maakten en ontdekten. De meeste dagen waren we om 15.30 uur vrij, dan liepen we over de blauwe brug naar het station en zaten we in de bus naar Emmen. Vanaf Emmen moest ik nog een half uur met de bus naar Valthe waardoor ik rond 17.30 uur pas van de bushalte naar huis liep. Thuis gingen we vaak direct eten, als we een half uur piano gingen spelen hoefden we niet af te wassen. Daarna gingen mijn zusje Ludi en ik aan onze periodeschriften werken en huiswerk maken en vervolgens naar bed. Voor mijn gevoel waren dat de door-de-weekse dagen. Waarschijnlijk heb ik door dit harde werken mijn IVO-MAVO diploma kunnen halen, want ik was niet zo scherpzinnig in die tijd. Waar ik met het meeste plezier aan terugdenk waren de dingen buiten school. De vriendschap met Hedi waarmee ik altijd gekke dingen beleefde, want zij durfde altijd net iets meer dan ik. De eerste vriendjes op en buiten school. Alle feestjes bij mensen thuis of schuurfeesten in de dorpen rond de stad. Ook bezochten we de discotheken in en buiten Groningen. De Pub in Winsum was onze favoriet. Met onze busabonnementen reisden we de hele provincie door. Mijn ouders vonden het allemaal wel prima zolang ik mijn school maar haalde.
Na de 12de klas wilde ik naar de HAVO, maar liever niet naar het NAC, dus ging ik de 13de klas doen op de Vrijeschool in Zutphen. Op mijn 18de ging ik uit huis en huurde ik een kamer bij een gezin waar ik ‘s avonds mee kon eten. Het eindexamen heb ik op 0,7 punten na niet gehaald, maar ik had mij ondertussen al ingeschreven op de Middelbare Hotelschool in Groningen. Omdat een kamer in Groningen niet te vinden was, huurden Hedi en ik een kleine vrijstaande arbeiderswoning in Maarhuizen vlakbij Winsum. Voor een student was dit niet de ideale plek, dus zochten we een kamer in de stad. In die tijd woonde ik elke jaar ergens anders, dit kwam mede door de stages in Antwerpen en Hilversum.
Na de Hotelschool wilde ik niet fulltime in de horeca gaan werken en ging verder studeren aan de Hanzehogeschool, HEAO-Accountancy in Groningen. Na de HEAO heb ik een aantal jaren in de accountancy gewerkt bij Ernst&Young. Daarna ben ik overgestapt naar het bedrijfsleven en ging ik werken op de financiële administratie bij een groot callcenter in Groningen. In deze tijd ging ik samenwonen, kreeg ik twee kinderen Lars en Djem (tweeling) en woonden we in een waterrijke woonwijk aan de noordkant van de stad met uitzicht over de landerijen. Omdat het mij vroeger zo leuk leek om veel vriendjes en vriendinnetjes in de buurt te hebben om mee te spelen, gingen onze kinderen naar een basisschool hier in de wijk.
Toen de kinderen 5 jaar waren, gingen de vader van Lars en Djem en ik uit elkaar en bleef ik in het huis wonen. Gelukkig is het contact goed tussen de vader en mij en woont hij met zijn vrouw een straat verderop, waardoor de kinderen vrij gemakkelijk in de twee verschillende huizen leven. Sinds een aantal jaren wonen mijn vriend Roel en ik naast elkaar in ieder ons eigen huis met onze eigen kinderen en delen we de extra grote tuin. Wanneer de kinderen bij de andere ouders zijn leven we samen, soms in mijn huis en soms in dat van hem.
Na de basisschool van de kinderen hebben we verschillende open dagen bezocht van middelbare scholen, waar ik na jaren Nienke weer tegen kwam, omdat haar dochter Mare dezelfde leeftijd heeft als mijn dochter Djem. Uiteindelijk hebben ze afzonderlijk van elkaar gekozen voor het Parcival College (de Vrijeschool in Groningen) en kwamen bij elkaar in de klas. Het klikte direct erg goed tussen die twee. Voor Nienke en mij is dat extra leuk omdat we nu ook met z’n vieren afspreken, samen ergens lunchen en aan het begin van het nieuwe schooljaar samen schoolspullen met ze kopen.

Mare en Djem
Door de verhalen van mijn dochter over school herbeleef ik mijn middelbare schooltijd weer een beetje opnieuw. Een grote happening op deze school is het Voorjaarsconcert. Dit is ooit begonnen in ons jaar dat we het requiem zongen in de Martinikerk. Tegenwoordig is het uitgegroeid tot jaarlijks 4 uitverkochte zalen in de Oosterpoort, kijk maar eens op youtube https://www.youtube.com/watch?
Een jaar geleden ben ik van werkgever veranderd en ging na een dienstverband van meer dan 15 jaar bij PostNL, aan het werk als Financial Controller bij het UMCG. Afgelopen jaar ben ik door corona weinig op het werk geweest, maar tijdens één van de keren op het UMCG, liep ik Sjoukje daar tegen het lijf. En wat blijkt…. zij heeft ook een tweeling van dezelfde leeftijd als die van mij en één van de twee jongens, Bram, zit in dezelfde klas als mijn dochter Djem. Ik vind het erg leuk om weer contact te hebben met oud klasgenoten en kijk er naar uit om volgend jaar iedereen weer te zien en te spreken.
Voor degene die het nog interessant vindt en zich mijn familie nog kan herinneren, hier een kleine update. Mijn ouders Richard en Tjardi de Wolff wonen nog steeds in Valthe. Mijn moeder heeft haar oude hobby, het maken van stoffen poppen, weer opgepakt en verkoopt ze via Facebook. Mijn vader vermaakt zich nog goed met het onderhouden van de enorme tuin. Mijn oudste zus Ludi zat één jaar onder ons op de VS en heeft samen met haar huidige partner Jacco van der Zwan (die ze al kent vanaf de bovenbouw) twee dochters. Ze werkt als arbeidstherapeut op de afdeling Psychiatrie in het UMCG. Mijn broertje Jeroen en zusje Rianne kwamen 4 jaar na ons op de Vrijeschool. Jeroen werkt als HR-manager voor een aantal vestigingen van McDonald’s en woont met zijn gezin in Assen. Mijn jongste zusje Rianne woont samen met haar man en twee dochters, net als ons in Groningen en werkt als Accountmanager bij RTV Noord.

Rianne, Jeroen, Ludi, Wendi

Wat een lekker uitgebreid verhaal Wendi. Zo leuk om het te lezen en zo herkenbaar. Tot snel! Trudie